Meewerken aan een huisbezoek? Even over nadenken….

This entry is part 3 of 3 in the series Huisbezoek

Dit is alweer de derde in de serie Huisbezoek.
Eén van de aspecten van de informed consent is mededeling doen van de gevolgen van het niet meewerken aan het huisbezoek. Voor zover het niet meewerken gevolgen heeft voor het recht op bijstand, is het voorstelbaar dat iemand daar even goed over moet nadenken.
In de praktijk wordt betrokkenen meestal een hersteltermijn geboden. Dit om na te denken over het belang om bijstand te (blijven) ontvangen en de inbreuk in de persoonlijke levenssfeer die dat meebrengt.

Hoe lang kan (of moet) zo’n termijn zijn? Dat hangt af van de individuele situatie. Ik noem vier voorbeelden.

Afspraak huisbezoek per brief
CRVB:2023:1699. In deze zaak was een redelijke grond voor het afleggen van een huisbezoek. Betrokkene heeft aan het eind van het gesprek met de medewerkers van het college tot tweemaal toe gezegd dat zij geen toestemming geeft voor het afleggen van een huisbezoek aansluitend aan dat gesprek. Zij is plotseling weggelopen uit het gesprek. De medewerkers zijn daarna naar haar woning gegaan en hebben daar rond 10.30 uur een brief in de brievenbus gedaan. Daarin staat onder het kopje ‘Hersteltermijn huisbezoek’: “Het huisbezoek zal plaatsvinden op 29 juni 2021 te 12.40 uur.”  Op het genoemde tijdstip in de brief hebben de medewerkers aangebeld en betrokkene heeft toen niet opengedaan. De Raad oordeelt dat de geboden hersteltermijn van twee uur voor een huisbezoek niet te kort is geweest. Betrokkene wist dat de medewerkers aansluitend aan het gesprek een huisbezoek wilden afleggen. Niet aannemelijk gemaakt dat betrokkene op 29 juni 2021 meer tijd nodig had om thuis te komen. Geen aanknopingspunten voor gestelde psychische overmacht.

Gelegenheid bieden afweging maken
Het kan ook zijn dat betrokkene tijdens het gesprek gedrag vertoont dat als niet-meewerken gekwalificeerd kan worden. Dat speelde in CRVB:2021:3095. De psychische omstandigheden van betrokkene waren bij het college bekend. Deze moesten in samenhang met haar gedrag tijdens het gesprek, voor het college aanleiding zijn om haar korte tijd de gelegenheid te bieden om tot bedaren te komen. Aldus de Raad. Dit om, met behulp van haar begeleider, een goede afweging te maken tussen haar weerstand tegen het huisbezoek en haar belang bij het ontvangen van bijstand.

Bedenktijd is te kort
In CRVB:2021:1213 oordeelt de Raad dat de gegeven bedenktijd in dit geval in strijd komt met het subsidiariteitsbeginsel. Het college wist dat betrokkene te maken heeft met een ernstige, onbehandelbare sociale fobie en psychische spanningen die een uitweg vinden in agressieve ontladingen. De medewerkers hadden, gelet op de psychische toestand van betrokkene en de aard van zijn reactie op dat moment, niet kunnen volstaan met het geven van 5 minuten bedenktijd.

Veiligheid toezichthouders
In CRVB:2020:1189 deed zich de situatie voor dat de toezichthouders het aangevangen huisbezoek uit veiligheidsoverwegingen hebben gestaakt. Dit vanwege de agressieve verbale en non-verbale houding van betrokkene. Volgens de Raad hadden de toezichthouders, gelet op hun veiligheid, betrokkene in deze situatie niet nogmaals tot kalmte hoeven manen en ook niet na een korte hersteltermijn nogmaals moeten aanbellen. Het komt voor rekening en risico van betrokkene komt dat het huisbezoek niet kon worden afgerond.

Met dank aan KrolKreatie voor de tekening.

©Ingeborg Lunenburg opleiding + advies

Yes, handgeschreven; zonder AI-:)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*